In de trimsalon komen veel verschillende hondenrassen met daarbij verschillende vachtsoorten. Iedere vachtsoort heeft zijn eigen behandeling nodig. Hieronder staan de trimtechnieken die in de trimsalon worden gebruik.
EFFILEREN : met de uitdunschaar wordt de vacht uitgedund met een zo glad mogelijk resultaat.

KNIPPEN : Het haar wordt met een rechte schaar geknipt tot de gewenste lengte.

PLUKKEN : Het haar wordt tussen duim en wijsvinger met de haargroei mee verwijderd. De hond voelt hier niets van. De haren zitten namelijk om de 6 maanden los in het haarzakje.

SCHEREN : Het haar gaat eraf met de tondeuse.
Tegen de haargroei in geeft het gladste resultaat.
Met de haargroei mee geeft het natuurlijkste resultaat.

UITWOLLEN : Zoveel mogelijk onderwol eruit halen. Na het uitwollen moet de vacht rust krijgen om te herstellen.
ONTKLITTEN : het verwijderen van klitten uit de vacht. Als dit niet goed gebeurt (ook tussen de trimbeurten door) heb je kans dat de vacht gaat vervilten. Zeker met regenachtig weer moet u de vacht van de hond vaker controleren op klitten.

vervilte vacht